Wat is een hot spot? Wat is een cold spot?
Een hot spot is het structureel warmste punt in een geconditioneerde ruimte of apparaat. Een cold spot is het structureel koudste punt. "Structureel" is hier het sleutelwoord: het gaat niet om een eenmalige piek, maar om een plek die over de hele meetperiode consequent warmer of kouder is dan de rest.
Ze ontstaan doordat lucht, koeling en warmtebronnen zich nooit perfect gelijkmatig verdelen. Het gemiddelde van een ruimte zegt daarom weinig: juist de uitersten bepalen of uw opslag betrouwbaar is.
Waarom ontstaan hot spots en cold spots?
De temperatuurverdeling in een ruimte is het resultaat van koeling of verwarming, luchtstroming, isolatie, belading en externe invloeden. Een paar veelvoorkomende oorzaken:
- Koeling en uitblaas. Vlak bij de verdamper of uitblaasopening is de lucht het koudst, een typische cold spot.
- Deuren en doorgangen. Bij openen stroomt warme lucht binnen; vlak achter de deur ontstaat vaak een hot spot.
- Warmtebronnen. Verlichting, motoren, apparatuur of een buitenmuur in de zon warmen lokaal op.
- Stratificatie. Warme lucht stijgt. In hoge ruimten en stellingmagazijnen is het bovenin warmer dan onderin.
- Slechte luchtcirculatie. Hoeken, achter pallets of in dichte stellingen kan lucht "stilstaan", met afwijkende temperaturen tot gevolg.
Waar zitten hot en cold spots meestal?
| Plek | Vaak te vinden bij |
|---|---|
| Hot spot (warmste) | Deuren en doorgangen, bovenin (stratificatie), nabij warmtebronnen, tegen buitenmuren of ramen, plekken waar lucht terugstroomt. |
| Cold spot (koudste) | Vlak bij de koeling, de uitblaasopening of de verdamper, en in koelcellen soms onderin of in een afgesloten hoek. |
Dit zijn vuistregels, geen garanties: de werkelijke ligging hangt af van uw specifieke ruimte, indeling en belading. Daarom meet u ze, in plaats van ze te schatten.
Waarom hot en cold spots bepalend zijn
Het gemiddelde kan keurig binnen de marge liggen terwijl een hot of cold spot er net buiten valt. Twee voorbeelden:
- Cold spot bij 2–8 °C. Een cold spot die richting het vriespunt zakt, kan producten laten bevriezen. Voor veel vaccins en biologische producten is dat onomkeerbare schade, ook al klopt het gemiddelde.
- Hot spot bij een bovengrens. Een hot spot kan de maximale bewaartemperatuur overschrijden terwijl de rest van de ruimte goed zit.
Voor audits onder GDP, GMP, WHO of ISPE moet u kunnen aantonen dat élke gebruikte opslaglocatie binnen de grenzen blijft, niet alleen gemiddeld. Hot- en coldspotanalyse is daarvoor het bewijs.
Hoe vindt u hot en cold spots?
Hot en cold spots vindt u met een temperatuurmapping: u plaatst meerdere gekalibreerde dataloggers op vooraf bepaalde meetpunten en registreert de temperatuur continu over een afgesproken periode. Door de curves over elkaar te leggen, ziet u welke posities consequent het warmst en het koudst zijn.
Het aantal en de plaats van de loggers onderbouwt u risicogebaseerd. Voor een kleine koelkast is circa 9 meetpunten een logisch startpunt; voor grotere ruimten werkt u met een grid op meerdere hoogtes. Lees hoeveel meetpunten u nodig heeft.
Van hot- en coldspot naar monitoringpositie
Een mapping is eenmalig of periodiek; daarna bewaakt u de ruimte continu met vaste sensoren. De gevonden hot en cold spots bepalen waar die permanente sensoren horen: idealiter op of nabij het ongunstigste punt voor uw product. Een afwijking wordt daar het eerst zichtbaar.
Hangt de monitoringsensor in een te gunstige zone, dan geeft die een vals gevoel van controle. Lees het verschil tussen monitoring en mapping.
Veelgemaakte misverstanden
- "Het gemiddelde is goed, dus alles klopt." Het gemiddelde verbergt juist de uitersten die ertoe doen.
- "De hot spot zit altijd bovenin." Vaak wel, maar deuren, warmtebronnen en belading kunnen de werkelijke hot spot verplaatsen.
- "Eén meting volstaat voor altijd." Belading, seizoen en wijzigingen kunnen de spots verschuiven; herhaling is risicogebaseerd.
- "De bestaande sensor hangt vast goed." Pas een mapping toont aan of die positie representatief is voor de hot of cold spot.
Gebruikte bronnen
- EU GDP 2013/C 343/01, hoofdstuk 3.2 (met name 3.2.1) over temperatuurmapping en plaatsing van monitoringapparatuur op de plekken met de grootste schommelingen.
- WHO TRS 961 Annex 9 Supplement 8, Temperature mapping of storage areas.
- ISPE Good Practice Guide: Controlled Temperature Chambers, 2nd edition.
- IGJ, Vragen over het EU-richtsnoer goede distributiepraktijken (GDP), versie 9.
Kijkt u naar temperatuurmapping vanuit auditvoorbereiding? Lees dan ook wat auditors willen zien bij een temperatuurmapping.